ECLI:NL:RBDHA:2016:2436
Rechtbank Den Haag
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen afhankelijke verblijfsvergunning asiel en geen zelfstandige vergunning zonder aanvraag
Eiseres, van Syrische nationaliteit, werd ambtshalve in het bezit gesteld van een afhankelijke verblijfsvergunning asiel als nareizend gezinslid van haar echtgenoot, die een zelfstandige verblijfsvergunning asiel heeft. Zij maakte bij het Aanmeldcentrum geen gebruik van de mogelijkheid om een zelfstandige verblijfsvergunning aan te vragen, ondanks dat zij individuele asielmotieven had.
Eiseres stelde dat het bestreden besluit een impliciete weigering van een zelfstandige verblijfsvergunning inhield en dat zij op grond van haar individuele motieven recht had op een zelfstandige vergunning. De rechtbank oordeelde dat zij wel belang had bij een beoordeling van haar aanspraak op een zelfstandige vergunning, mede vanwege de nareis van haar meerderjarige zoon, maar dat zij verplicht was een aanvraag in te dienen.
Omdat eiseres geen zelfstandige aanvraag had ingediend, kon het bestreden besluit niet worden opgevat als een weigering van een zelfstandige vergunning. Er was dan ook geen sprake van een motiveringsgebrek. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het besluit tot afgifte van een afhankelijke verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard omdat zij geen zelfstandige aanvraag heeft ingediend.