ECLI:NL:RBDHA:2016:15743
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde twee-onder-één-kap woning voor kalenderjaar 2016
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn twee-onder-één-kap woning voor het kalenderjaar 2016, vastgesteld op € 725.000 door verweerder. Eiser voerde aan dat de waardering onvoldoende gemotiveerd was, dat referentieobjecten voornamelijk vrijstaande woningen betroffen en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden.
Verweerder onderbouwde de waarde met een taxatieverslag en een matrix van verkoopprijzen van vergelijkbare woningen rond de waardepeildatum 1 januari 2015. De rechtbank oordeelde dat de gebruikte referentieobjecten, hoewel deels vrijstaand, voldoende vergelijkbaar waren en dat verweerder niet verplicht was tot gedetailleerde uitleg over verschillen tussen objecten. Ook werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel verworpen omdat geen begunstigend beleid of schending van de meerderheidsregel was aangetoond.
De rechtbank concludeerde dat de WOZ-waarde niet te hoog was vastgesteld, dat de bezwaren van eiser onvoldoende waren onderbouwd en dat de uitspraak op bezwaar voldoende was gemotiveerd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van € 725.000 wordt ongegrond verklaard.