Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[persoon 1]en
[persoon 2], te Almere.
Rechtbank Den Haag
Bij besluit van 29 juni 2015 verleende het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk een omgevingsvergunning voor het verbouwen van een winkel-/woonpand tot een winkel met berging op de begane grond en studio's en een appartement op de verdieping.
Eisers maakten bezwaar tegen dit besluit, dat door verweerder ongegrond werd verklaard. Eisers stelden onder meer dat de vergunning in strijd was met de Verordening Ruimte, de Regionale structuurvisie detailhandel Midden-Holland en de Centrumvisie Bodegraven.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht toepassing heeft gegeven aan de kruimelgevallenregeling en dat de vergunningverlening in redelijkheid kon plaatsvinden. De kleine berging van 10 m² leidt niet tot een verandering in ruimtelijke uitstraling en is niet strijdig met het beleid. Eisers konden hun standpunten onvoldoende onderbouwen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de vergunningverlening met toepassing van de kruimelgevallenregeling.