Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
[persoon 1], te [woonplaats] , vergunninghouder
Rechtbank Den Haag
Bij besluit van 5 januari 2016 verleende het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk een omgevingsvergunning aan een vergunninghouder voor het verbouwen van een gemeentelijk monumentaal winkelpand tot twee winkels, twee studio's en vier appartementen.
Eiser stelde bezwaar tegen dit besluit, dat door verweerder ongegrond werd verklaard. Hiertegen stelde eiser beroep in bij de rechtbank Den Haag. De rechtbank hield op 29 november 2016 een mondelinge zitting waarbij partijen werden gehoord.
De rechtbank oordeelde dat de vergunningverlening niet in strijd is met de Verordening Ruimte van de provincie Zuid-Holland, de Regionale structuurvisie detailhandel Midden-Holland en de Centrumvisie Bodegraven. De rechtbank stelde vast dat verweerder terecht toepassing gaf aan de kruimelgevallenregeling en dat het besluit in redelijkheid kon worden genomen.
Ook de bezwaren van eiser over parkeerdruk en verminderde lichtinval werden verworpen. De rechtbank concludeerde dat geen grond bestaat om het beroep toe te wijzen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.