ECLI:NL:RBDHA:2016:14988
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- B.F.Th de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen afwijzing asielaanvraag, beroep gegrond tegen opleggen inreisverbod
Eiseres, van onbekende nationaliteit, had eerder een asielvergunning die in januari 2016 met terugwerkende kracht werd ingetrokken omdat zij haar hoofdverblijf buiten Nederland had gevestigd. Na het niet-ontvankelijk verklaren van haar beroep tegen die intrekking, diende zij een opvolgende asielaanvraag in die door verweerder werd afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens werd haar een vertrektermijn onthouden en een inreisverbod van twee jaar opgelegd vanwege het risico op onderduiken.
De rechtbank oordeelt dat de aanvraag inderdaad een opvolgende asielaanvraag betreft en dat eiseres onvoldoende individuele asielgronden heeft aangevoerd. De afwijzing van de asielaanvraag wordt daarom bevestigd. Verweerder heeft terecht geen ambtshalve reguliere verblijfsvergunning verleend bij deze opvolgende aanvraag.
Ten aanzien van het inreisverbod stelt de rechtbank vast dat verweerder niet alle relevante feiten en omstandigheden heeft betrokken in de belangenafweging, met name het opgebouwde privéleven van eiseres in Nederland is niet meegewogen. Hierdoor is sprake van een motiveringsgebrek. Het beroep tegen het inreisverbod wordt gegrond verklaard en dit onderdeel van het besluit wordt vernietigd.
De rechtbank wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af en veroordeelt verweerder in de proceskosten van € 992,- ten gunste van eiseres.
Uitkomst: Beroep tegen afwijzing asielaanvraag ongegrond, beroep tegen inreisverbod gegrond en inreisverbod vernietigd.