ECLI:NL:RBDHA:2016:14522
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel bewaring en verzoek om schadevergoeding afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de op 27 juli 2016 aan hem opgelegde maatregel van bewaring en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting op 16 november 2016 geschorst om verweerder in de gelegenheid te stellen nadere informatie te verschaffen. Verweerder heeft op 21 november 2016 aanvullende informatie verstrekt, waarop eiser op 22 november 2016 heeft gereageerd. De zaak is zonder nadere zitting afgedaan.
De rechtbank overweegt dat de beroepsgrond dat zicht op uitzetting ontbreekt faalt. Verweerder heeft een traject gestart om een laissez-passer voor eiser te verkrijgen bij de Libische autoriteiten, waarbij eiser op 30 augustus 2016 persoonlijk is gepresenteerd. Uit eerdere uitspraken blijkt dat de Libische autoriteiten tussen januari en oktober 2015 zeven laissez-passers hebben afgegeven en feitelijke uitzettingen naar Libië plaatsvinden.
Hoewel in 2016 nog geen gedwongen uitzettingen naar Libië hebben plaatsgevonden, kan niet worden uitgesloten dat aan eiser een laissez-passer zal worden verstrekt indien hij zelf verklaart deze te willen verkrijgen. Eiser heeft echter aangegeven niet terug te willen keren naar Libië, wat het verkrijgen van een laissez-passer bemoeilijkt. De rechtbank concludeert dat er geen grond is om te oordelen dat zicht op uitzetting ontbreekt bij voldoende medewerking van eiser.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.