ECLI:NL:RBDHA:2015:8160
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen besluit weigering uitstel van vertrek wegens onvoldoende nieuw medische feiten
Eiser, met de Ivoriaanse nationaliteit, heeft meerdere aanvragen gedaan voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eerdere aanvragen en bezwaren zijn afgewezen, waarbij medisch advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) stelde dat adequate behandeling in het land van herkomst mogelijk is, ondanks een posttraumatische stressstoornis en depressie.
Na een nieuwe aanvraag in december 2014 en een verklaring van een behandelend psychiater in april 2015, waarin een verslechterde gezondheidstoestand werd gesteld, heeft de rechtbank beoordeeld of sprake was van nieuwe feiten (nova) die hernieuwde toetsing rechtvaardigen. De rechtbank concludeerde dat de verklaring geen nieuwe relevante medische feiten bevatte die afwijken van eerdere BMA-adviezen.
De rechtbank oordeelde dat het ne-bis-in-idem-beginsel van toepassing is en dat zonder nova of relevante wetswijziging geen hernieuwde toetsing mogelijk is. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het afwijzende besluit op uitstel van vertrek wordt ongegrond verklaard vanwege het ontbreken van nieuwe feiten die hernieuwde toetsing rechtvaardigen.