ECLI:NL:RBDHA:2015:8029
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen afwijzing asielaanvraag Somalische vrouw wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiseres, een Somalische vrouw, heeft meerdere keren een asielaanvraag ingediend die telkens zijn afgewezen. De rechtbank beoordeelt een nieuwe aanvraag van 1 juni 2015, waarbij eiseres betoogt dat een recent besluit- en vertrekmoratorium en een taalanalyse nieuwe feiten vormen die haar aanvraag rechtvaardigen.
De rechtbank stelt vast dat het ne bis in idem-beginsel geldt, waardoor alleen nieuwe feiten of relevante wetswijzigingen tot hernieuwde toetsing kunnen leiden. De aangevoerde wetswijziging (WBV 2015/7) is niet relevant voor eiseres omdat haar herkomst niet aannemelijk is gemaakt en het beleid ten aanzien van alleenstaande vrouwen niet is gewijzigd. De taalanalyse wordt niet als nieuw feit erkend omdat deze al eerder had kunnen worden gestart.
Verder wijst de rechtbank het beroep op artikel 40 van Pro de Procedurerichtlijn af, omdat de implementatietermijn nog niet is verstreken en de nationale wetgeving nog niet is aangepast. Ook de Bahaddar-exceptie wordt niet toegepast vanwege het ontbreken van bijzondere omstandigheden.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er zijn geen kosten aan de wederpartij toe te rekenen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.