ECLI:NL:RBDHA:2015:6389
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijheidsontnemende maatregel bij asielzoeker onrechtmatig wegens motiveringsgebrek
Eiseres, een asielzoeker van Nigeriaanse nationaliteit, kreeg op 22 mei 2015 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 nadat zij haar asielwens had geuit. De rechtbank oordeelt dat de motivering in het besluit ontbreekt, terwijl volgens het arrest Mahdi en daaropvolgende uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een individuele motivering vereist is waarom niet met een lichter middel kan worden volstaan.
Verweerder stelde dat deze jurisprudentie niet op grensdetentie van toepassing zou zijn, maar de rechtbank volgt de Afdeling die oordeelt dat de motiveringsplicht ook geldt voor asielzoekers onder artikel 6 Vw Pro. Omdat de beschikking van 22 mei 2015 deze motivering niet bevat, is het besluit onrechtmatig vanaf het moment van oplegging.
De rechtbank beveelt daarom de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel met ingang van heden en kent eiseres een schadevergoeding toe van €880,- voor het verblijf in het Justitieel Complex Schiphol. Tevens worden de proceskosten van €980,- aan verweerder opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter N.O.P. Roché op 2 juni 2015.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de vrijheidsontnemende maatregel wordt opgeheven en een schadevergoeding van €880 wordt toegekend.