ECLI:NL:RBDHA:2015:2844
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Niet betaalde motorrijtuigenbelasting terecht nageheven ondanks onjuiste veronderstelling schorsing tenaamstelling
Eiser kocht op 26 februari 2014 een personenauto die vanaf die datum op zijn naam stond geregistreerd in het kentekenregister. Hoewel de volledige betaling en feitelijke bezit pas op 17 mei 2014 plaatsvonden, was eiser vanaf de tenaamstelling houder in de zin van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 en daarmee belastingplichtig.
Eiser betaalde de motorrijtuigenbelasting over de tijdvakken 26 februari 2014 tot en met 1 april 2014 en 2 april 2014 tot en met 1 juli 2014 niet. Verweerder legde daarom naheffingsaanslagen op. Eiser voerde aan dat de tenaamstelling was geschorst en hij pas vanaf 17 mei 2014 houder was, maar deze veronderstelling was onjuist.
De rechtbank oordeelde dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd omdat houderschap in het kentekenregister bepalend is voor de belastingheffing. De onjuiste veronderstelling van eiser over de schorsing is voor zijn rekening en risico en doet niet af aan de belastingplicht. De beroepen zijn daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de naheffingsaanslagen motorrijtuigenbelasting worden ongegrond verklaard.