ECLI:NL:RBDHA:2015:2495
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.E. Postema
- J.P.F. Slijpen
- E.J.W. Heithuis
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van aanmaningskosten en uitstel van betaling in belastingzaak
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de aanmaningskosten van in totaal €75 die verweerder hem in rekening heeft gebracht wegens niet-tijdige betaling van diverse belastingaanslagen en een terugvorderingsbeschikking zorgtoeslag. Verweerder heeft het bezwaar tegen de aanmaningskosten gehandhaafd en het verzoek om uitstel van betaling afgewezen.
De rechtbank heeft het verzoek tot wraking van de rechters afgewezen en het verzoek van eiser om uitstel van de zitting meerdere malen geweigerd, mede vanwege het belang van een voortvarende procedure en het feit dat eiser een toevoeging voor rechtsbijstand had ontvangen maar geen advocaat had ingeschakeld.
De rechtbank oordeelt dat zij niet bevoegd is om te oordelen over het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om uitstel van betaling, omdat dit besluit is genomen op grond van artikel 25 van Pro de Invorderingswet 1990, waartegen geen beroep bij de bestuursrechter openstaat. Ten aanzien van de aanmaningskosten stelt de rechtbank vast dat eiser in verzuim was en dat de kosten terecht zijn opgelegd conform de Kostenwet invordering rijksbelastingen.
De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd voor zover het beroep betrekking heeft op het uitstel van betaling en verklaart het beroep tegen de aanmaningskosten ongegrond. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd voor het beroep tegen uitstel van betaling en verklaart het beroep tegen de aanmaningskosten ongegrond.