Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 27 januari 2015
[eiser],
de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
Het procesverloop
De beoordeling
9 augustus 2010 vernietigd. Op 19 november 2012 heeft verweerder de aanvraag opnieuw afgewezen. Bij uitspraak van 22 juli 2013 (AWB 12/38997) heeft deze rechtbank, zittingsplaats Zwolle, het hiertegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. De Afdeling heeft deze uitspraak op 27 februari 2014 (zaak nr. 201307538/1) bevestigd.
Vrees voor spionage
(…)
• vreemdelingen die op basis van individuele omstandigheden (die meer inhouden dan
enkel de terugkeer uit het westen) er door Al-Shabaab van worden verdacht te spioneren
voor de overheid.
Vreemdelingen behorende tot een aandachtsgroep kunnen, mede gelet op de omstandigheid dat zij op basis van hun terugkeer uit het westen in de negatieve aandacht van de zijde van Al-Shabaab kunnen komen te staan, op basis van geringe indicaties in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, Vw indien de herkomst geloofwaardig is en zij afkomstig zijn uit:
• delen van Zuid- en Centraal-Somalië die onder controle staan van Al-Shabaab; of,
• overige delen van Zuid- en Centraal- Somalië (exclusief Mogadishu) waar Al-Shabaab op basis van hun aanwezigheid en invloed een reële bedreiging vormen.
Ook gebieden waarover onvoldoende actuele informatie beschikbaar is, maar een bestendige invloedrijke rol van Al-Shabaab aannemelijk is, moeten hiertoe worden gerekend.
Bij het beoordelen van het individuele risico in het herkomstgebied en tijdens de reis daar naar toe betrekt de IND in ieder geval:
• de clanafkomst in relatie tot de positie van de clan in het gebied;
• de banden met- en de situatie van de familieleden;
• de duur van verblijf in het westen.
Er is sprake van een individuele toets waarbij de asielzoeker aannemelijk moet maken dat hij behoort tot een dergelijke groep én dat hij persoonlijk in die hoedanigheid risico’s loopt van de zijde van Al-Shabaab. Voor leden van de aandachtsgroep die terugkeren naar Mogadishu geldt in het licht van de positie van terugkeerders aldaar dat indicaties van geringe aard niet volstaan. De IND beoordeelt op basis van het algemene toetsingskader of de individuele omstandigheden van de vreemdeling tot inwilliging van de aanvraag leiden.”