Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Procedure
- de dagvaarding van 9 december 2014, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties.
Rechtbank Den Haag
Op 20 augustus 2013 ontstond een kettingbotsing op de A4 waarbij eiser schade aan zijn auto opliep. De oorzaak was dat de bestuurder van een auto met een lekke band deze tot stilstand bracht op de spitsstrook, zonder dat er een vluchtstrook beschikbaar was. Eiser vorderde schadevergoeding van de verzekeraar van de buitenlandse bestuurder, stellende dat het stilzetten onrechtmatig was omdat doorgereden had kunnen worden naar de vluchthaven op 400 meter afstand.
De rechtbank stelde vast dat de bestuurder met de lekke band zijn snelheid had verminderd, gevarenlichten had aangezet en niet abrupt stopte. Andere weggebruikers konden tijdig reageren en de situatie was daardoor niet gevaarlijk. Gezien het ontbreken van een vluchtstrook en de omstandigheden was het niet verwijtbaar dat de auto op de spitsstrook werd stilgezet.
De rechtbank concludeerde dat er geen onrechtmatige daad was en wees de vordering af. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd gewezen door kantonrechter A.C. Bordes en uitgesproken op 30 juli 2015.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen omdat het stilzetten op de spitsstrook geen onrechtmatige daad opleverde.