ECLI:NL:RBDHA:2014:8314
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij opschorting en intrekking bijstandsuitkering wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Verzoeker maakte bezwaar tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Leiden tot opschorting en intrekking van zijn bijstandsuitkering per 1 mei 2014, vanwege vermeende niet-naleving van de inlichtingenplicht. Verzoeker diende een verzoek om voorlopige voorziening in bij de rechtbank Den Haag.
De voorzieningenrechter constateerde dat verweerder stukken, waaronder het frauderapport en onderliggende bewijsstukken, te laat aan verzoekers gemachtigde had overgelegd, waardoor verzoeker niet tijdig zijn verweer kon voeren. Dit leidde tot ernstige schending van zijn procesbelangen.
Inhoudelijk kon de voorzieningenrechter het besluit niet beoordelen wegens gebrek aan hoor en wederhoor. Daarom werd de voorlopige voorziening toegewezen, waarbij de bijstandsuitkering werd hersteld vanaf de datum van het verzoek tot zes weken na de beslissing op bezwaar.
Verweerder werd verplicht om het onderzoek naar de geldstromen voort te zetten en verzoeker werd opgedragen mee te werken door relevante bankafschriften en boekhouding te verstrekken. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en de bijstandsuitkering wordt hersteld vanaf 17 juni 2014 tot zes weken na de beslissing op bezwaar.