ECLI:NL:RBDHA:2014:4003
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens gebrek aan belang na toekenning proceskostenvergoeding
Eiser maakte bezwaar tegen aanmaningskosten die verweerder in rekening had gebracht in verband met een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2010. Verweerder herroept de aanmaningskosten bij uitspraak op bezwaar, maar kende geen proceskostenvergoeding toe. Eiser stelde daarop beroep in tegen deze uitspraak op bezwaar.
Nadat het beroep was ingesteld, heeft verweerder alsnog een proceskostenvergoeding toegekend voor de bezwaarfase. Hierdoor was het geschil over de aanmaningskosten en proceskostenvergoeding feitelijk opgelost. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang, aangezien eiser geen andere schade stelde dan de proceskosten.
De rechtbank veroordeelde verweerder in de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 243,80, inclusief vergoeding van het betaalde griffierecht. De wegingsfactor van 0,25 werd toegepast omdat in het beroep alleen de proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase aan de orde was. De uitspraak werd gedaan door rechter T. van Rij op 18 maart 2014.
Uitkomst: Beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang; verweerder veroordeeld in proceskosten van € 243,80.