Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam 2], eiser 2, geboren [geboortedatum],
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Den Haag
Eisers, allen Somalische nationaliteit, vroegen om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij referente, hun biologische moeder met een verblijfsvergunning asiel. De eerste aanvraag werd afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard. Een opvolgende aanvraag voor de vijf jongste kinderen werd toegewezen, maar voor eiser 1, die meerderjarig was op het moment van aanvraag, werd de mvv geweigerd.
Eiser 1 betoogde dat het juiste peilmoment voor meerderjarigheid het moment is waarop referente het land van herkomst verliet, toen hij nog minderjarig was, en dat het gewijzigde beleid (WBV 2013/13) gunstiger voor hem is. De rechtbank oordeelde dat dit beleid inderdaad nieuw en gunstig recht inhoudt en dat het peilmoment voor meerderjarigheid het vertrek van referente uit Somalië is.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onterecht het peilmoment van de aanvraag hanteerde en dat de motivering van het bestreden besluit 2 ondeugdelijk was omdat het niet voldeed aan de criteria van het gewijzigde beleid. Het beroep van eiser 1 tegen bestreden besluit 2 werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd. Het beroep tegen bestreden besluit 1 werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser 1 tegen het tweede bestreden besluit wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.