Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
4.De strafbaarheid van de feiten
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partijen / de schadevergoedingsmaatregel
8.De inbeslaggenomen goederen
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
niet wettig en overtuigend bewezendat de verdachte het bij dagvaarding
onder 1tenlastegelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte de bij dagvaarding onder 2 en 3 tenlastegelegde feiten heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) MAANDEN;
4 (vier) MAANDEN,niet zal worden tenuitvoergelegd, zulks onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde
de bijzondere voorwaardendat de veroordeelde:
de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [persoon A.]gedeeltelijk toe en veroordeelt verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan
de verplichting tot betaling aan de Staatvan een bedrag groot
de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [persoon B.]geheel toe en veroordeelt verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan [persoon B.], een bedrag van € 898,-, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf
de verplichting tot betaling aan de Staatvan een bedrag groot € 898,- ten behoeve van het slachtoffer genaamd [persoon B.];