ECLI:NL:RBDHA:2013:CA1251
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ongewenstverklaring EU-onderdaan wegens onvoldoende individuele beoordeling bedreiging openbare orde
Eiser, een EU-onderdaan, werd tot drie keer toe veroordeeld voor winkeldiefstal binnen een korte periode en vervolgens tot ongewenstverklaring en verblijfsbeëindiging in Nederland. Verweerder stelde dat eiser als veelpleger een actuele, werkelijke en ernstige bedreiging vormde voor de openbare orde en veiligheid, wat rechtvaardiging bood voor de maatregelen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende individuele beoordeling had gemaakt van het persoonlijke gedrag van eiser. De beoordeling was te veel gebaseerd op het aantal veroordelingen en het algemene veiligheidsgevoel, zonder concrete aanwijzingen van een actuele bedreiging. Ook werd ten onrechte een openstaande strafzaak betrokken, terwijl eiser daarvoor nog niet was veroordeeld.
Daarbij werd vastgesteld dat strafrechtelijke veroordelingen op zichzelf geen reden zijn voor beperkende maatregelen zonder dat het gedrag een daadwerkelijke bedreiging vormt. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor de ongewenstverklaring en niet-ontvankelijk voor de verblijfsbeëindiging, vernietigde het besluit en veroordeelde verweerder in de proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot ongewenstverklaring van eiser wordt vernietigd wegens onvoldoende individuele beoordeling van de bedreiging voor de openbare orde.