ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ7799
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Timmermans
- V.J. de Haan
- M.J.J. Visser
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen poging tot doodslag op tweelingdochters door schudden
Verdachte en zijn levenspartner hebben hun tweelingdochters herhaaldelijk en krachtig door elkaar geschud, wat leidde tot ernstige verwondingen zoals metafysaire hoekfracturen, ribfracturen en een bloeding onder het harde hersenvlies bij een van de baby's. Hoewel het niet duidelijk is wie van de ouders het letsel heeft toegebracht, is wettig en overtuigend bewezen dat zij dit gezamenlijk hebben gedaan, medeplegen van poging tot doodslag.
De rechtbank baseerde zich op uitgebreide forensisch medische rapportages en contra-expertise, waaruit bleek dat de letsels niet door de kinderen zelf of door een ongeluk konden zijn veroorzaakt. De ouders konden geen plausibele verklaring geven en hun verklaringen bleken onjuist. Er waren meerdere geweldsincidenten vastgesteld, verspreid over enkele weken.
De verdediging voerde aan dat onvoldoende bewijs was voor daderschap en medeplegen, en dat anderen mogelijk verantwoordelijk konden zijn. De rechtbank verwierp deze argumenten vanwege het ontbreken van aanwijzingen dat anderen alleen met de kinderen waren en de nauwe betrokkenheid van beide ouders.
De rechtbank achtte de ernst van het feit en de kwetsbaarheid van de kinderen zwaarwegend en veroordeelde verdachte tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vijf jaar. Dit is lager dan de eis van het Openbaar Ministerie, mede vanwege persoonlijke omstandigheden en het feit dat verdachte niet eerder in aanraking is gekomen met justitie.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens medeplegen van poging tot doodslag op zijn tweelingdochters.