ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5949
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering kindgebonden budget aan niet-rechtmatig verblijvende vreemdeling niet onrechtmatig
Eiseres, een vreemdeling zonder rechtmatig verblijf in Nederland, vroeg een kindgebonden budget aan voor haar in Nederland geboren dochter. De Belastingdienst weigerde dit omdat zij geen rechtmatig verblijf had, conform het koppelingsbeginsel en de Algemene Kinderbijslagwet.
Eiseres stelde dat deze weigering in strijd was met artikel 8 en Pro 14 EVRM, het IVRK, het Europees Sociaal Handvest en het IVESC, mede vanwege haar moeilijke persoonlijke omstandigheden en het leven onder het bestaansminimum.
De rechtbank oordeelde dat het koppelingsbeginsel een redelijke en objectieve rechtvaardiging vormt voor het onderscheid tussen rechtmatig en niet-rechtmatig verblijvende personen. De door eiseres aangevoerde omstandigheden waren onvoldoende om te spreken van zeer bijzondere omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen.
Er was geen sprake van een humanitaire noodsituatie, en eiseres dochter kreeg onderwijs en medische zorg. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd de weigering van het kindgebonden budget bevestigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van het kindgebonden budget aan eiseres zonder rechtmatig verblijf.