ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5095
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod ongegrond en niet-ontvankelijk verklaard
Eiser, een Iraakse vreemdeling die sinds 2005 in Nederland verblijft, werd geconfronteerd met een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar opgelegd door verweerder. Het terugkeerbesluit verplichtte eiser Nederland onmiddellijk te verlaten. Eiser stelde dat het inreisverbod onvoldoende was gemotiveerd en dat er geen belangenafweging had plaatsgevonden, onder meer vanwege zijn langdurige verblijf en sociale netwerk in Nederland.
De rechtbank overwoog dat het eerdere terugkeerbesluit en inreisverbod van 20 februari 2012 rechtsgeldig waren vastgesteld en dat het nieuwe inreisverbod van 10 januari 2013 geen nieuw rechtsgevolg had. Omdat eiser geen nieuwe gronden aanvoerde tegen het terugkeerbesluit, werd het beroep daarop ongegrond verklaard. Het beroep tegen het inreisverbod werd niet-ontvankelijk verklaard omdat dit besluit geen zelfstandige rechtsgevolgen had.
De rechtbank wees erop dat eiser de uitnodiging om een nieuwe asielaanvraag te ondertekenen had genegeerd, wat leidde tot het beëindigen van zijn rechtmatig verblijf. Er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit is ongegrond verklaard en het beroep tegen het inreisverbod niet-ontvankelijk.