ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5026
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding wegens vernietiging inbeslaggenomen goederen
Eiser werd in augustus 2009 strafrechtelijk onderzocht wegens zedenmisdrijven. Tijdens het onderzoek werden diverse goederen in beslag genomen, waaronder computers en gegevensdragers. Sommige gegevensdragers bevatten strafbaar materiaal en werden door de rechtbank aan het verkeer onttrokken. De officier van justitie gaf opdracht tot vernietiging van deze voorwerpen.
Eiser vordert vergoeding van schade wegens vernietiging van goederen die niet op de beslaglijst stonden en waarvan hij meent dat deze onrechtmatig zijn vernietigd. Gedaagde erkent dat sommige voorwerpen zonder machtiging zijn vernietigd, maar stelt dat deze goederen nooit aan eiser hadden kunnen worden teruggegeven vanwege het strafbare materiaal.
De rechtbank oordeelt dat de vernietiging van de 'besmette' goederen geen schade aan eiser heeft veroorzaakt en dat gedaagde niet gehouden is tot vergoeding daarvan. Voor de overige goederen is onvoldoende onderbouwing van de schade gegeven. Ook is het beslag rechtmatig voortgeduurd en is geen last tot teruggave gegeven. De vordering wordt daarom afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wegens vernietiging van inbeslaggenomen goederen wordt afgewezen.