ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ4996
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing opvang asielzoeker ongewenst verklaard
Eiser, een Albanese asielzoeker die eerder ongewenst is verklaard, diende op 13 augustus 2012 een nieuwe asielaanvraag in. Ten tijde van het bestreden besluit van 25 oktober 2012 was nog geen beslissing genomen op deze aanvraag. Verweerder wees de aanvraag om opvang af op grond van de ongewenstverklaring en de Regeling verstrekkingen asielzoekers (Rva).
De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 7 van Pro de Procedurerichtlijn en de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het verbod op rechtmatig verblijf voor ongewenst verklaarde vreemdelingen niet geldt zolang nog geen beslissing is genomen op de asielaanvraag. Hierdoor heeft eiser rechtmatig verblijf en recht op opvang.
Het bestreden besluit is daarom niet deugdelijk gemotiveerd en in strijd met artikel 3:46 Awb Pro. De rechtbank verklaart het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk omdat het belang vervallen is, verklaart het beroep tegen het bestreden besluit gegrond, vernietigt het besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van €944 aan proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij eiser rechtmatig verblijf en opvang wordt toegekend.