ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ4755
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in mishandeling en valsheid in geschrift door politieagent
In deze strafzaak is een politieagent beschuldigd van het mishandelen van een persoon tijdens zijn diensttijd en het opmaken van een vals proces-verbaal. De mishandeling zou hebben plaatsgevonden op of omstreeks 13 september 2011 te Rotterdam, waarbij het slachtoffer met kracht en geweld werd behandeld, wat heeft geleid tot letsel en pijn.
De officier van justitie stelde dat de rechtbank Den Haag onbevoegd was om de zaak te behandelen, omdat de feiten zich in het arrondissement Rotterdam hebben voorgedaan en de verdachte ook in dat arrondissement woont. De verdediging betreurde een onbevoegdverklaring vanwege de vertraging die dit zou veroorzaken, maar erkende dat de rechtbank Den Haag formeel niet bevoegd was.
De rechtbank heeft de bevoegdheid onderzocht en vastgesteld dat geen wettelijke grondslag bestaat voor behandeling door de rechtbank Den Haag. De mogelijkheid van nevenzittingsplaatsen is per 1 januari 2013 afgeschaft en er was geen aanwijzing van de Minister om de zitting elders te houden. De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd en verwijst de zaak terug naar het openbaar ministerie voor behandeling door de rechtbank Rotterdam.
De rechtbank benadrukt het belang van een snelle afdoening voor de verdachte, maar stelt dat zij gebonden is aan de wet en de relatieve competentie volgens artikel 2 Sv Pro. De politierechter had de zaak eerder inhoudelijk behandeld zonder expliciete beslissing over bevoegdheid. De rechtbank Den Haag kan de zaak niet verder behandelen en verklaart zich onbevoegd.
Uitkomst: De rechtbank Den Haag verklaart zich onbevoegd om de strafzaak te behandelen en verwijst deze naar de rechtbank Rotterdam.