ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3895
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing exhibitievordering inzake aanbestedingsdocumenten tramovereenkomst HTM-Siemens
In deze civiele procedure vordert CAF, een Spaanse beursgenoteerde vennootschap, dat HTM Personenvervoer N.V. wordt veroordeeld tot het overleggen van documenten en informatie met betrekking tot de Europese aanbesteding en de gesloten overeenkomst met Siemens Nederland N.V. voor levering van trams.
CAF stelt dat zij als inschrijver belang heeft bij inzage om te verifiëren of de overeenkomst ook onderhoud betreft en of de geleverde trams voldoen aan de aanbestedingseisen. HTM weigert deze stukken te verstrekken, waarop CAF een exhibitievordering instelt op grond van artikel 843a en artikel 22 Rv Pro.
De rechtbank oordeelt dat CAF geen rechtmatig belang heeft bij de gevorderde stukken, omdat zij in de hoofdzaak haar stellingen over onderhoud en niet-naleving van eisen reeds heeft toegelicht en onderbouwd. Bovendien is het ontbreken van overlegging van de overeenkomst niet nadelig voor CAF en is er geen onredelijk voordeel voor HTM of Siemens. De overige gevorderde documenten zijn onvoldoende concreet omschreven en het belang bij toelichting op de beoordeling van de Best of Final Offers is niet aangetoond.
Daarom wijst de rechtbank de exhibitievordering af en houdt zij de beslissing over de proceskosten aan tot het eindvonnis in de hoofdzaak.
Uitkomst: De rechtbank wijst de exhibitievordering van CAF af wegens ontbreken van rechtmatig belang.