ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ2778
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige afkomst en veiligheidssituatie Mali
Verzoekster, een Malinese vrouw, diende een asielaanvraag in met het verhaal dat zij afkomstig is uit Gao en na het overlijden van haar vader, die door rebellen werd doodgeschoten, naar Bamako vluchtte en vervolgens Mali verliet. Verweerder wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van haar afkomst en het ontbreken van een reëel risico bij terugkeer naar Bamako.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij uit Gao afkomstig was, mede vanwege lacunes in haar kennis over Gao en Kayes en het authentieke paspoort dat haar geboorteplaats als Bamako vermeldde. De stelling dat het paspoort onjuist was, werd niet geaccepteerd. Ook de veiligheidssituatie in Bamako werd beoordeeld aan de hand van overgelegde documenten, waaruit bleek dat de onveiligheid zich vooral in het noorden van Mali afspeelt.
De rechter concludeerde dat de algemene veiligheidssituatie in Bamako niet zodanig is dat terugkeer onaanvaardbaar is en dat er geen aanleiding was voor een verblijfsvergunning of een besluit- of vertrekmoratorium. Nader onderzoek zou niet bijdragen aan de beoordeling, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van verzoekster wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.