ECLI:NL:RBDHA:2013:BY9887
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Internationale kinderontvoering: vaststellingsovereenkomst verblijf en omgangsregeling
In deze zaak ging het om een internationale kinderontvoering waarbij de moeder de minderjarige vanuit België naar Nederland had meegenomen. Na een regiezitting is door middel van crossborder mediation tussen de ouders een volledige minnelijke regeling getroffen.
De ouders, beiden met de Nederlandse nationaliteit en gezamenlijk gezag over het kind, kwamen op 17 december 2012 overeen dat de gewone verblijfplaats van de minderjarige bij de moeder in Nederland zou zijn. Tevens werd een reguliere zorg- en vakantieregeling voor de vader vastgesteld. De vader trok zijn verzoek tot teruggeleiding van de minderjarige naar België in.
De rechtbank Den Haag verklaarde zich bevoegd om kennis te nemen van het verzoek tot opname van de vaststellingsovereenkomst in de beschikking, aangezien de hoofdverblijfplaats van het kind inmiddels in Nederland was gevestigd. De vaststellingsovereenkomst werd in de beschikking opgenomen en uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Iedere partij draagt de eigen proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank nam de vaststellingsovereenkomst op in de beschikking en verklaarde deze uitvoerbaar bij voorraad.