ECLI:NL:RBDHA:2013:16076

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 oktober 2013
Publicatiedatum
27 november 2013
Zaaknummer
C-09-449312 - FA RK 13-6541
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Wetboek van Burgerlijke RechtsvorderingArt. 10:20 Burgerlijk WetboekArt. 1:5 Burgerlijk WetboekArt. 1:7 Burgerlijk Wetboek
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling verzoek tot wijziging van geslachtsnaam en onbevoegdverklaring rechtbank

Verzoekster heeft bij de rechtbank Den Haag een verzoek ingediend om haar geslachtsnaam te wijzigen van ‘[geslachtsnaam 1]’ naar ‘[geslachtsnaam 2]’. De rechtbank heeft de stukken bestudeerd en vastgesteld dat de bevoegdheid tot wijziging van een geslachtsnaam exclusief bij de Koning berust, zoals bepaald in artikel 1:7 BW Pro.

De rechtbank heeft vastgesteld dat geen van de uitzonderingssituaties van rechtswege wijziging van de geslachtsnaam van toepassing is, zoals wijziging door gezagsouder of familierechtelijke banden. Verzoekster dient daarom de procedure ex artikel 1:7 BW Pro te volgen, waarbij de Koning bevoegd is tot wijziging.

Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd om van het verzoek kennis te nemen en wijst het verzoek af zonder verwijzing naar een andere rechter. De beschikking is uitgesproken op 7 oktober 2013 door mr. A.M. Brakel.

Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 13-6541
Zaaknummer: C/09/449312
Datum beschikking: 7 oktober 2013

Beschikking op het op 19 augustus 2013 ingekomen verzoekschrift van:

[verzoekster],

hierna: verzoekster,
wonende te[woonplaats],
advocaat mr. S. van Donk te Zoetermeer.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder het verzoekschrift.

Verzoek

Het verzoekschrift strekt ertoe dat de rechtbank de ambtenaar van de burgerlijke stand zal gelasten het register aan te passen met een akte, houdende dat de geslachtsnaam van de vrouw zal worden gewijzigd van ‘[geslachtsnaam 1]’ naar ‘[geslachtsnaam 2]’, met uitvoerbaar verklaring bij voorraad.

Feiten

De rechtbank gaat uit van de volgende feiten.
  • Op[geboortedatum] is te[geboorteplaats] uit [de moeder], (hierna: de moeder) verzoekster geboren, destijds geheten: [verzoekster].
  • Uit de geboorteakte van verzoekster blijkt dat de moeder het vaderschap van [eerste man] heeft ontkend, waarna verzoekster op 27 april 1993 door [de man] (hierna: de man) is erkend, waarbij is gekozen voor de geslachtsnaam ‘[geslachtsnaam 1]’.
  • De man staat in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente [woonplaats] als de juridische vader van verzoekster geregistreerd.
  • De moeder en de man zijn gehuwd geweest van 29 juli 1993 tot 3 oktober 1996.
  • De moeder is tot 13 juli 1992 gehuwd geweest met [eerste man] en is vervolgens op 12 december 2008 wederom met [eerste man] gehuwd.

Beoordeling

De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht op grond van artikel 3, aanhef en onder a, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Ingevolge artikel 10:20 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) is Nederlands recht op het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van toepassing.
Verzoekster heeft gesteld dat zij haar oorspronkelijke geslachtsnaam terug wenst.
Op grond van artikel 1:7, eerste lid, BW kan de geslachtsnaam van een persoon op zijn verzoek, door de Koning worden gewijzigd. Bij het Besluit geslachtsnaamwijziging zijn regels gesteld betreffende verzoeken tot geslachtsnaamwijziging.
Uit het voorgaande volgt dat de bevoegdheid tot wijziging van een geslachtsnaam is voorbehouden aan de Koning. Er bestaan een aantal situaties waarin de geslachtsnaam kan wijzigen zonder besluit van de Koning. Een geslachtsnaam kan van rechtswege veranderen indien de gezagsouder van een minderjarige zijn eigen geslachtsnaam door de Koning laat wijzigen; de geslachtsnaam van de minderjarige verandert dan van rechtswege mee op grond van artikel 1:7, derde lid, BW. Ook kan de geslachtsnaam wijzigen door het ontstaan of verbreken van familierechtelijke banden, zoals verwoord in artikel 1:5 BW Pro, waarbij betrokkenen kunnen verklaren te kiezen voor een bepaalde geslachtsnaam. Deze verklaring wordt vervolgens vermeld in de beschikking. Van een van deze situaties is in de onderhavige zaak echter geen sprake. Verzoekster zal derhalve de procedure ex artikel 1:7 BW Pro dienen te volgen.
Gelet hierop zal de rechtbank zich onbevoegd verklaren van het verzoek kennis te nemen. Er is geen andere gewone rechter bevoegd, zodat de rechtbank niet zal overgaan tot verwijzing van de zaak.

Beslissing

De rechtbank:
verklaart zich onbevoegd van het verzoek kennis te nemen.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. Brakel, bijgestaan door mr. C.J.M. Manders als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 oktober 2013.