ECLI:NL:RBDHA:2013:13699
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens strijd met artikel 8 EVRM
Eiseres, van Sri Lankaanse nationaliteit, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij haar echtgenoot, welke werd afgewezen wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Verweerder stelde dat geen vrijstelling van het mvv-vereiste van toepassing was, ondanks het gezinsleven met haar echtgenoot en kind, en concludeerde dat geen schending van artikel 8 EVRM Pro plaatsvond.
Eiseres voerde aan dat het vasthouden aan het mvv-vereiste strijdig was met artikel 8 EVRM Pro en wees op haar duurzame relatie, gezamenlijke ouderlijke gezag en het belang van hun in Nederland geboren en gewortelde kind. Verweerder erkende het belang van het kind, maar achtte dit niet doorslaggevend, mede vanwege de mogelijkheid tot aanpassing in Sri Lanka.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zijn beoordelingsvrijheid had overschreden door onvoldoende rekening te houden met het belang van het kind, dat in Nederland geboren en getogen is, nauwelijks Tamil spreekt en een verblijfsvergunning bezit. Ook de langdurige gezinsrelatie en gedeeld ouderlijk gezag werden meegewogen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen, waarbij het belang van het kind en de gezinsrelatie adequaat moeten worden meegewogen.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens strijd met artikel 8 EVRM en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.