ECLI:NL:RBBRE:2012:BY4922
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek curator tot beëindiging jaarlijkse rekening en verantwoording
Op 29 augustus 2012 heeft de curator schriftelijk verzocht om niet meer jaarlijks rekening en verantwoording te hoeven afleggen aan de kantonrechter over de vermogensrechtelijke goederen van curandus. De kantonrechter heeft een mondelinge behandeling vastgesteld, waarvoor zowel curator als curandus zijn uitgenodigd. Tijdens de zitting op 23 oktober 2012 zijn beide partijen niet verschenen, ondanks de oproep.
Volgens artikel 1:386 jo Pro. 1:354 BW is de curator verplicht om alle gewenste inlichtingen te verstrekken en kan hij te allen tijde voor een zitting worden opgeroepen. Door niet te verschijnen en geen inlichtingen te verstrekken, heeft de curator niet aan deze verplichtingen voldaan. De kantonrechter benadrukt dat de curator als wettelijke taak heeft zorg te dragen voor een goede uitoefening van de belangen van curandus en jaarlijks rekening en verantwoording moet afleggen conform artikel 1:386 jo Pro. 1:359 BW.
De kantonrechter ziet geen bijzondere omstandigheden die het verzoek rechtvaardigen om af te wijken van de jaarlijkse verantwoording. Tevens wordt opgemerkt dat het niet voldoen aan deze verplichting kan leiden tot ontslag van de curator. Daarom wordt het verzoek afgewezen en blijft de verplichting tot jaarlijkse rekening en verantwoording in stand.
Uitkomst: Het verzoek van de curator om niet meer jaarlijks rekening en verantwoording af te leggen wordt afgewezen en de verplichting blijft in stand.