ECLI:NL:RBBRE:2012:BX6624
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Alferink
- Hertsig
- Van Bergen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken doodsoorzaak bij verdenking wurging vriendin
Verdachte meldde zich en gaf aanvankelijk toe zijn vriendin te hebben gewurgd, maar kon zich later niets meer herinneren van het incident. Het technisch en pathologisch onderzoek kon geen duidelijke doodsoorzaak vaststellen vanwege de verregaande ontbinding van het lichaam. Er werden geen biomedische aanwijzingen gevonden voor letsel dat duidt op verwurging.
De officier van justitie baseerde zich op de bekentenissen en enkele aanwijzingen in het onderzoek en vorderde een bewezenverklaring van doodslag. De verdediging stelde dat het ontbreken van een vastgestelde doodsoorzaak en het ontbreken van overtuigend bewijs tot vrijspraak moesten leiden.
De rechtbank volgde de verdediging en nam de conclusie van de pathologen over dat geen doodsoorzaak kon worden vastgesteld. Hierdoor kon niet worden bewezen dat het slachtoffer door het handelen van verdachte is overleden. Verdachte werd vrijgesproken. Daarnaast werd de teruggave van in beslag genomen voorwerpen aan de nabestaanden en verdachte gelast.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat de doodsoorzaak niet kan worden vastgesteld en het bewijs onvoldoende is.