ECLI:NL:RBBRE:2011:BW2065
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- De Bruijn
- Rechtspraak.nl
Vordering tot afname legaat en vergoeding onttrokken nalatenschapsbedragen
Deze civiele zaak betreft een geschil tussen de executeur en een legataris over de afname van een legaat en onttrokken bedragen uit de nalatenschap van de overledene. De executeur vordert dat de legataris het legaat betreffende een perceel grond aan de Langstraat 14 te Halsteren afneemt tegen de vastgestelde waarde van €295.000. Tevens vordert hij vergoeding van €233.749,86 die volgens hem onrechtmatig door de legataris aan de nalatenschap is onttrokken.
De legataris erkent het legaat te aanvaarden, maar verzoekt om een nieuwe taxatie en voert verweer tegen de vordering tot vergoeding van onttrokken bedragen. De rechtbank stelt vast dat de taxatie van het perceel correct is en dat de legataris onvoldoende verweer heeft gevoerd tegen de vordering tot vergoeding van onttrokken bedragen, die zij toewijst.
Daarnaast vordert de legataris het vruchtgebruik van een ander registergoed, Hof van de Paltz, maar dit wordt afgewezen vanwege het reeds gevestigde vruchtgebruik ten gunste van de echtgenote van de overledene. De rechtbank wijst ook de overige vorderingen van de legataris af en veroordeelt hem in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot afname van het legaat en betaling van onttrokken bedragen met rente, overige vorderingen worden afgewezen.