ECLI:NL:RBBRE:2011:BV0875
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Hund
- Rechtspraak.nl
Geen proceskostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarprocedure onroerendezaakbelasting
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de waardering van zijn woning en de daarbij behorende aanslag onroerendezaakbelasting 2010. In het kader van de bezwaarprocedure vond een telefonisch horen van de gemachtigde plaats, waarvoor belanghebbende een proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank onderzocht of het telefonisch horen kwalificeert als een proceshandeling die voor vergoeding in aanmerking komt volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. Belanghebbende stelde dat het telefonisch overleg een directe uitwisseling van standpunten betreft en dat de tijd en voorbereiding van de gemachtigde vergoed zouden moeten worden.
De rechtbank oordeelde dat noch de letter noch de strekking van het Besluit proceskosten bestuursrecht het telefonisch horen als een voor vergoeding in aanmerking komende proceshandeling aanmerkt. De term 'hoorzitting' in het Besluit ziet op fysiek aanwezig zijn bij een zitting, niet op telefonisch overleg. De rechtbank verwees naar eerdere jurisprudentie en de nota van toelichting bij het Besluit.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees de proceskostenvergoeding af. Er werd ook geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter D. Hund op 29 december 2011.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend voor het telefonisch horen.