ECLI:NL:RBBRE:2011:BU3616
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aanmaning zorgverzekering is besluit zonder bezwaar- en beroepsmogelijkheid
Eiser werd door het College voor zorgverzekeringen aangemaand om binnen drie maanden een zorgverzekering af te sluiten. Hij stelde bezwaar tegen deze aanmaning, maar dit bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard omdat artikel 9a van de Zorgverzekeringswet (ZVW) op de negatieve lijst van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) staat, waardoor bezwaar en beroep tegen deze aanmaning niet mogelijk zijn.
De rechtbank bekeek of de aanmaning een besluit is in de zin van de Awb. Hoewel de verzekeringsplicht voortvloeit uit de wet zelf en niet uit de aanmaning, is de aanmaning wel gericht op rechtsgevolg omdat deze een noodzakelijke voorwaarde is voor het opleggen van een bestuurlijke boete. Daarmee is de aanmaning een besluit. Echter, omdat artikel 9a ZVW op de negatieve lijst staat, kan er geen bezwaar of beroep tegen worden ingesteld.
Eiser voerde aan dat het uitsluiten van bezwaar en beroep onrechtmatig is omdat hij in een vroeg stadium tegen de aanmaning in bezwaar zou moeten kunnen gaan. De rechtbank verwierp dit betoog en stelde dat de wetgever bewust heeft gekozen voor deze regeling. Bovendien kan eiser bij het opleggen van een boete wel bezwaar maken en daarin aanvoeren dat de aanmaning niet rechtmatig was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat verweerder het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat bezwaar tegen de aanmaning niet-ontvankelijk is vanwege de negatieve lijst in de Awb.