ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ7730
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van optierechten en aanslag inkomstenbelasting CEO
Belanghebbende, voormalig CEO van een NV, stelde beroep in tegen een aanslag inkomstenbelasting en een vergrijpboete voor het jaar 2001. De inspecteur had de aanslag vastgesteld op een belastbaar inkomen van ruim 10 miljoen euro, mede gebaseerd op optierechten en leningen die aan belanghebbende zouden zijn toegekend.
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende de vereiste aangifte niet heeft ingediend en dat de bewijslast daarom terecht is omgekeerd. Wel heeft belanghebbende overtuigend aangetoond dat de aanslag te hoog is vastgesteld, met name omdat niet-uitgeoefende optierechten niet aan hem als loon zijn toegekend en er geen sprake is van leningen of rente hierover.
Verder wordt geoordeeld dat het in onderpand geven van aandelen in verband met een loonvordering niet als loon genoten kan worden. De boete wordt verminderd van 50% naar 20% wegens omstandigheden en het beroep wordt gegrond verklaard. De inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van €571.186 en de boete tot €2.800; het beroep wordt gegrond verklaard.