ECLI:NL:RBBRE:2011:BP3867
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Eijssen-Vruwink
- Meyboom
- De Bruijn
- Rechtspraak.nl
Vernietiging wijziging huwelijkse voorwaarden en vaststellingsovereenkomst wegens wederzijdse dwaling en benadeling
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met een periodiek verrekenbeding. Tijdens het huwelijk wijzigden zij deze voorwaarden en sloten zij een vaststellingsovereenkomst waarin verrekening over de voorafgaande periode werd uitgesloten. De vrouw vordert vernietiging van deze wijziging en overeenkomst wegens wederzijdse dwaling en benadeling.
De rechtbank stelt vast dat het begrip 'inkomen' in het verrekenbeding niet expliciet winst uit onderneming uitsluit en dat de onderneming van de man, waarin hij alle aandelen bezit, in het verrekenbare vermogen moet worden betrokken. De vrouw is door het sluiten van de vaststellingsovereenkomst voor meer dan een kwart benadeeld, wat leidt tot een vermoeden van dwaling.
Verder oordeelt de rechtbank dat beide partijen bij het aangaan van de gewijzigde huwelijkse voorwaarden zijn uitgegaan van een onjuiste lezing van het inkomensbegrip, waardoor sprake is van wederzijdse dwaling. De notaris heeft onvoldoende voorlichting gegeven over de gevolgen. Daarom worden zowel de vaststellingsovereenkomst als de wijziging van de huwelijkse voorwaarden vernietigd. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de wijziging van de huwelijkse voorwaarden en de vaststellingsovereenkomst wegens wederzijdse dwaling en benadeling van meer dan een kwart.