ECLI:NL:RBBRE:2010:BP0286
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging onderhuurovereenkomst en ontruiming wegens strijd met hoofdhuurovereenkomst en huurachterstand
Eiseres, een woningstichting, vordert de beëindiging van de onderhuurovereenkomst met gedaagden en hun ontruiming van een woning te Roosendaal. De hoofdhuurovereenkomst met de oorspronkelijke huurder, mevrouw Toho, was reeds ontbonden wegens onderverhuur zonder toestemming. Gedaagden wonen met hun gezin in de woning, maar hebben geen toestemming van eiseres en hebben huurachterstanden opgebouwd.
De kantonrechter overweegt dat de onderhuur voortgezet wordt door eiseres als verhuurder, maar dat op grond van artikel 7:269 lid 2 BW Pro de verhuurder binnen zes maanden kan vorderen dat de rechter bepaalt dat de huur eindigt. Eiseres beroept zich op onvoldoende financiële waarborg, de kennelijke strekking van onderhuur en belangenafweging. De kantonrechter stelt vast dat gedaagden onvoldoende financiële waarborg bieden en dat de belangen van eiseres als woningstichting zwaarder wegen dan die van gedaagden, mede vanwege het woningtoewijzingsbeleid en de positie van andere woningzoekenden.
De kantonrechter bepaalt dat de onderhuurovereenkomst eindigt per 1 februari 2011 en legt een ontruimingstermijn van vier weken op. Tevens worden gedaagden veroordeeld tot betaling van de huurachterstanden over mei en juli 2010, de huurprijs over de periode vanaf september 2010 zolang zij in de woning verblijven, en de proceskosten. De vordering tot een langere ontruimingstermijn wordt afgewezen.
Uitkomst: De onderhuurovereenkomst eindigt per 1 februari 2011, gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming binnen vier weken en betaling van huurachterstanden en lopende huur.