ECLI:NL:RBBRE:2010:BO7867
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Meyboom
- Rechtspraak.nl
Bestemming van pad tot buurweg tussen percelen in Oisterwijk
Eiser vordert dat het pad op het perceel van gedaagde wordt erkend als buurweg volgens artikel 719 BW Pro (oud) ten behoeve van zijn perceel, en dat gedaagde wordt verplicht de blokkades te verwijderen en een sleutel te overhandigen.
Gedaagde betwist het bestaan van een buurweg en het belang van eiser bij de vordering. De rechtbank oordeelt dat eiser voldoende belang heeft omdat hij het pad nodig heeft voor toegang tot zijn perceel.
De rechtbank legt uit dat de vraag draait om de status van het pad op 1 januari 1992, omdat de regeling van de buurweg toen uit het wetboek werd geschrapt, maar rechten blijven bestaan. Het pad moet bestemd zijn tot buurweg en door meerdere buren gebruikt worden.
De rechtbank stelt vast dat het gebruik door eiser en bewoners van Lisstraat 29 en 31 niet relevant is voor de buurwegstatus, omdat dat gebruik op andere gronden berust. Alleen het gebruik door bewoners van Distelstraat 6 en de vorige eigenaresse van Distelstraat 4 is relevant, maar dit wordt door gedaagde betwist.
Omdat eiser de bewijslast draagt, wordt hij toegelaten bewijs te leveren, onder meer door getuigen, en wordt de zaak aangehouden in afwachting van bewijslevering.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering over de buurwegstatus van het pad op 1 januari 1992.