ECLI:NL:RBBRE:2010:BO4769
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- H.H. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot schorsing concurrentie- en relatiebeding wegens onvoldoende onbillijkheid
De werknemer trad in dienst bij VBH Nederland B.V. en wilde overstappen naar Maasland Groep als Commercieel Technisch Adviseur Buitendienst. VBH handhaaft een concurrentie- en relatiebeding dat de werknemer beperkt in het werken bij concurrerende bedrijven binnen een straal van 100 km.
De werknemer vordert in kort geding de schorsing van dit beding, stellende dat Maasland geen concurrent is en dat het beding onredelijk bezwarend is vanwege de geografische beperking en gebrek aan carrièremogelijkheden bij VBH. VBH stelt dat Maasland een gelijksoortig bedrijf is en vreest oneerlijke concurrentie door gebruik van bedrijfsgevoelige kennis.
De kantonrechter oordeelt dat het spoedeisend belang van de werknemer aanwezig is, maar dat onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat het beding onbillijk is in verhouding tot het belang van VBH. De e-mail van Maasland toont aan dat van de werknemer wordt verlangd kennis ten voordele van Maasland te gebruiken, wat schade voor VBH kan opleveren.
De vordering wordt daarom afgewezen en de werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot schorsing van het concurrentie- en relatiebeding wordt afgewezen en de werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.