ECLI:NL:RBBRE:2010:BN2557
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen fictieve weigering uitspraak op bezwaar zonder verdere verplichting
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2009 en stelde de inspecteur in gebreke wegens het niet doen van uitspraak op bezwaar. De inspecteur legde vervolgens een nadere voorlopige aanslag op nihil, die niet als uitspraak op bezwaar werd aangemerkt.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen de fictieve weigering van de inspecteur om uitspraak te doen op bezwaar gegrond is, omdat de inspecteur bewust de nadere voorlopige aanslag niet als uitspraak op bezwaar heeft aangemerkt. Desondanks heeft belanghebbende door de teruggaaf via de nadere voorlopige aanslag geen belang meer bij een uitspraak op bezwaar.
Daarom draagt de rechtbank de inspecteur niet op alsnog uitspraak op bezwaar te doen en veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende. De Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen is niet van toepassing omdat het bezwaar vóór 1 oktober 2009 is ingediend.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard, proceskosten toegewezen, geen verplichting tot uitspraak op bezwaar wegens gebrek aan belang.