ECLI:NL:RBBRE:2010:BN1185
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning airconditioner als woonvoorziening op grond van WMO wegens gezondheidsrisico's bij hoge binnentemperatuur
Eiseres had een aanvraag ingediend voor een airconditioner als woonvoorziening op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). Verweerder wees dit verzoek af op basis van adviezen van het Centrum indicatiestelling zorg (Ciz) en een gespecialiseerd bedrijf, die stelden dat onvoldoende duidelijk was of het bestaande klimaatbeheersingssysteem in de woning voldeed aan de noodzakelijke voorwaarden.
Tijdens de zitting werd afgesproken dat verweerder nader onderzoek zou doen naar het inpandige klimaatsysteem. Dit onderzoek toonde aan dat de temperatuur in de zomermaanden waarschijnlijk boven de 22 graden uitkomt, wat nadelige gevolgen kan hebben voor de gezondheid van eiseres, die lijdt aan een neurologische aandoening en een fors beperkte longfunctie.
De rechtbank oordeelde dat eiseres aantoonbare beperkingen ondervindt in het normale gebruik van haar woning en dat de toekenning van een airconditioner noodzakelijk is om de temperatuur tussen 17 en 22 graden te houden en de luchtvochtigheid tussen 40 en 70%.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, herroept het primaire besluit en bepaalt dat verweerder binnen vier weken de woonvoorziening verstrekt. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De rechtbank beveelt verweerder binnen vier weken een airconditioner als woonvoorziening te verstrekken vanwege gezondheidsrisico's bij hoge binnentemperatuur.