ECLI:NL:RBBRE:2009:BL0563
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beperking naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting bij schorsing kenteken
Belanghebbende had zijn auto geschorst van 27 mei 2008 tot 16 januari 2009. Tijdens deze schorsingsperiode werd geconstateerd dat de auto op 12 januari 2009 op de openbare weg stond geparkeerd. De inspecteur legde daarop een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting op over de periode 27 mei 2008 tot en met 15 januari 2009, inclusief een boete van 100%.
Belanghebbende stelde dat de naheffing beperkt moest worden tot de periode vanaf 24 oktober 2008, omdat de auto tot die datum in een privéhal stond geparkeerd en dus geen gebruik werd gemaakt van de openbare weg. De rechtbank oordeelde dat dit standpunt juist was, mede gelet op het arrest van de Hoge Raad van 5 oktober 2001, waarin werd bepaald dat naheffing slechts kan plaatsvinden over de periode waarin daadwerkelijk gebruik is gemaakt van de weg.
De rechtbank vernietigde de uitspraken op bezwaar, beperkte de naheffingsaanslag en de boete tot een bedrag van €123 en gelastte vergoeding van het betaalde griffierecht. De boete werd passend geacht omdat belanghebbende naliet zich goed te informeren over de opheffing van de schorsing, ondanks eerdere ervaringen met schorsingen.
De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 30 december 2009 en is onherroepelijk na het verstrijken van de beroepstermijn van zes weken.
Uitkomst: De naheffingsaanslag en boete worden beperkt tot de periode vanaf 24 oktober 2008 en verminderd tot €123.