ECLI:NL:RBBRE:2009:BK8071
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. de Werd
- A.A. den Hartog
- M.J.G.A.M. Weerepas
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing aandelenopties: tijdstip heffing en uitstelmelding niet aangetoond
Belanghebbende ontving in 2001 onvoorwaardelijk toegekende aandelenopties van zijn werkgever. Volgens de toen geldende wetgeving diende loonbelasting te worden geheven op het moment van toekenning, tenzij schriftelijk tijdig een gezamenlijke melding van uitstel van heffing was gedaan door werknemer en werkgever.
De inspecteur stelde dat heffing pas in 2005 bij verzilvering van de opties moest plaatsvinden, omdat een faxbericht van 23 mei 2001 een tijdige melding van uitstel zou bevatten. Belanghebbende betwistte de authenticiteit en tijdigheid van deze melding, onder meer omdat een werknemer die het bericht ondertekende pas later in dienst trad.
De rechtbank concludeerde dat de inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat de melding tijdig is gedaan. Het originele faxbericht ontbrak en de faxdata wezen eerder op latere verzending. Ook had de inspecteur nagelaten de indiensttreding van de ondertekenaar te verifiëren. Daarom moest belastingheffing plaatsvinden bij toekenning in 2001 en niet bij verzilvering in 2005.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, verminderde de aanslag en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende. De uitspraak werd gedaan door drie rechters en is openbaar.
Uitkomst: Belastingheffing vindt plaats bij toekenning van de opties in 2001, niet bij verzilvering in 2005.