ECLI:NL:RBBRE:2009:BK4737
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening voor toestemming beveiligingswerkzaamheden
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de korpschef Midden en West Brabant om geen toestemming te verlenen voor het verrichten van beveiligingswerkzaamheden. Dit besluit is genomen op grond van eerdere strafrechtelijke veroordelingen van verzoeker, waaronder het rijden zonder rijbewijs en doorrijden na een ongeval.
Verzoeker stelde dat de toepassing van de criteria uit de Circulaire Uitvoering Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus tot een onevenredig nadeel leidt, omdat hij stages wil volgen voor een opleiding aan de politieacademie. De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisend belang gering is, omdat het bestreden besluit geen onomkeerbare gevolgen heeft en de korpschef binnen korte termijn op het bezwaar zal beslissen.
De beoordelingsvrijheid van de korpschef werd slechts terughoudend getoetst en de rechtbank vond geen reden om aan de rechtmatigheid van het besluit te twijfelen. Verzoeker slaagde er niet in aan te tonen dat de anti-hardheidsclausule uit de Circulaire van toepassing was. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van toestemming voor beveiligingswerkzaamheden is afgewezen.