ECLI:NL:RBBRE:2008:BD1201
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag inkomstenbelasting wegens onvoldoende bewijs heffingskorting
Belanghebbende kreeg een aanslag inkomstenbelasting 2003 opgelegd waarbij een bedrag van € 1.355 aan eerder uitbetaalde heffingskorting werd teruggevorderd. Zij stelde dat zij nooit een verzoek tot uitbetaling had ingediend en ook geen bedragen had ontvangen.
De inspecteur voerde aan dat op 28 november 2002 en 23 juni 2003 verzoeken tot uitbetaling waren ingediend, maar kon dit niet aannemelijk maken met een afschrift van het verzoek, slechts met schermprints die onvoldoende bewijs vormden.
De rechtbank oordeelde dat de stelling van belanghebbende niet onjuist was en dat de inspecteur niet had voldaan aan zijn bewijslast. Daarom werd de aanslag en de beschikking heffingsrente vernietigd en het beroep gegrond verklaard.
De rechtbank wees proceskostenveroordeling af omdat geen kosten waren gemaakt die voor vergoeding in aanmerking kwamen. De uitspraak werd gedaan door rechter A.J. Kromhout op 10 april 2008.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 2003 en beschikking heffingsrente zijn vernietigd wegens onvoldoende bewijs van verzoek tot uitbetaling heffingskorting.