ECLI:NL:RBBRE:2007:BC0940
Rechtbank Breda
- Kort geding
- Leijten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens niet-bestekconforme aanbieding bij Europese aanbesteding personeelsapplicatie
In deze zaak gaat het om een Europese aanbesteding door elf samenwerkende Brabantse gemeenten voor de levering van een applicatie voor personeelsregistratie, salarisadministratie en managementinformatie. Eiseres Raet, een IT-dienstverlener, deed een aanbieding die niet volledig voldeed aan de bestekeisen, omdat zij zestien vragen van de conformiteitenlijst met 'neen' had beantwoord terwijl het bestek uitdrukkelijk varianten uitsloot.
Raet stelde dat de uitsluiting onrechtmatig was omdat alleen de limitatief opgesomde uitsluitingsgronden in artikel 45 van Pro de Europese Richtlijn mochten worden gehanteerd, en dat de vragen op de conformiteitenlijst als zodanig niet als uitsluitingsgrond konden gelden. De voorzieningenrechter oordeelde dat het aanbesteder vrij staat inhoudelijke eisen te stellen binnen de beginselen van transparantie, objectiviteit en gelijke behandeling. De vragen dienden slechts om te toetsen of een aanbieding bestekconform was.
Omdat alternatieven niet waren toegestaan en Raet niet aan alle bestekeisen voldeed, was haar aanbieding niet bestekconform en mocht deze terecht terzijde worden gelegd. De vorderingen van Raet om gunning aan Centric te verbieden, de aanbestedingsprocedure te staken en schadevergoeding werden afgewezen. Ook de vordering tot tussenkomst van Centric werd afgewezen. Raet werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van Raet worden afgewezen omdat haar aanbieding niet bestekconform was en terecht is uitgesloten.