ECLI:NL:RBBRE:2007:BB1074
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over lijfrente voor voormalige directeur woonachtig in Spanje
Belanghebbende was directeur van een Nederlandse B.V. en kreeg een toezegging voor aandelen en directeurschap in een afgesplitste vennootschap, die niet werd uitgevoerd. Ter compensatie werd een lijfrente toegekend, ingaande op 55-jarige leeftijd. Belanghebbende emigreerde naar Spanje, waar hij woonachtig bleef toen de lijfrente inging.
De inspecteur wilde de lijfrente belasten in Nederland, terwijl belanghebbende stelde dat Spanje het heffingsrecht had. De rechtbank oordeelde dat de compensatie voortvloeit uit de voormalige dienstbetrekking in Nederland en dat het belastingverdrag met Spanje een sluitende regeling bevat die het heffingsrecht aan Nederland toekent.
De rechtbank verwierp het beroep van belanghebbende en verklaarde het ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de meervoudige belastingkamer van de rechtbank Breda op 19 juli 2007.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat Nederland het heffingsrecht heeft over de lijfrente-uitkering.