ECLI:NL:RBBRE:2007:BB0435
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak bezwaar wegens onvoldoende hoorplicht in belastingzaak
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2003. Ondanks een uitdrukkelijk verzoek is belanghebbende niet persoonlijk gehoord in de bezwaarprocedure; de inspecteur heeft volstaan met een telefonisch onderhoud zonder verslaglegging.
De rechtbank oordeelt dat telefonisch horen niet voldoet aan de vereiste zorgvuldigheid volgens artikel 7:2 Awb Pro en het Voorschrift Awb 1997. Dit leidt tot schending van de hoorplicht en benadeling van belanghebbende, temeer omdat hij een wijziging van de inkomensverdeling met zijn echtgenote wenst.
De rechtbank vernietigt daarom de uitspraak op bezwaar, wijst de zaak terug naar de inspecteur om belanghebbende alsnog te horen en een nieuwe beslissing te nemen. Tevens wordt het betaalde griffierecht van €38 aan belanghebbende vergoed. De rechtbank ziet geen aanleiding zelf in de zaak te voorzien of proceskosten toe te kennen.
Uitkomst: De uitspraak op bezwaar wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de inspecteur voor een zorgvuldige hoorzitting.