ECLI:NL:RBBRE:2007:BA0694
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van den Beld
- Rechtspraak.nl
Vaststelling onderhoudsbijdrage voor minderjarige bij niet-samenwonende ouders
De vrouw verzocht de rechtbank om vaststelling van een onderhoudsbijdrage van 200 euro per maand door de man ten behoeve van hun minderjarige kind, met ingang van 1 januari 2006. Partijen hebben nooit samen in gezinsverband gewoond. De man betwistte de hoogte van de behoefte en stelde dat ook de vrouw een deel van de kosten moet dragen, mede gezien zijn onderhoudsplicht voor zijn eigen gezin met twee kinderen.
De rechtbank beoordeelde de behoefte van het kind op basis van het netto besteedbaar inkomen van beide ouders, rekening houdend met het feit dat de man een eigen gezin heeft. De basisbehoefte werd vastgesteld op 263,35 euro per maand, verhoogd met 64,40 euro voor kinderopvangkosten, wat resulteerde in een totale behoefte van 327,75 euro per maand.
De draagkracht van de vrouw werd vastgesteld op 384 euro en die van de man op 450 euro. De rechtbank bepaalde dat de man 54% van de behoefte moet bijdragen, wat neerkomt op 177 euro per maand. De man wordt geacht deze bijdrage te kunnen voldoen. De onderhoudsbijdrage gaat in op 1 september 2006, omdat de vrouw de man op 17 augustus 2006 schriftelijk om betaling had verzocht. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De man moet vanaf 1 september 2006 een onderhoudsbijdrage van 177 euro per maand betalen voor het minderjarige kind.