ECLI:NL:RBBRE:2007:AZ8875
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kooijman
- Paling
- Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor wederrechtelijke vrijheidsberoving en poging tot afpersing met geweld
Op 24 mei 2006 werd slachtoffer A in Oosterhout wederrechtelijk van zijn vrijheid beroofd door verdachte en mededaders. De ontvoering ging gepaard met geweld, waaronder boeien, tape over de ogen, een zak over het hoofd, bedreigingen met het afknippen van vingers en het onder water houden van het hoofd. Het doel was om zowel slachtoffer A als slachtoffer B te dwingen elk 200.000 euro te betalen.
Slachtoffer A werd uiteindelijk vrijgelaten met de waarschuwing dat hij 100.000 euro moest betalen en dat het verkeerd zou aflopen als hij naar de politie ging. Op aanwijzingen van verdachte en een medeverdachte werd diezelfde avond nog een zak met ongeveer 100.000 euro gedropt, maar de overdracht mislukte doordat een voorbijganger het geld meenam. Hierna werden slachtoffers opnieuw bedreigd via SMS-berichten en een brief.
De rechtbank oordeelde dat verdachte wettig en overtuigend schuldig was aan medeplegen van wederrechtelijke vrijheidsberoving en poging tot afpersing. De verdediging voerde onder meer aan dat de ontvoering niet aan verdachte kon worden gekoppeld, maar deze stellingen werden verworpen op basis van getuigenverklaringen, het gedrag van slachtoffers en de consistentie van bewijsmiddelen.
De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte eerder met justitie in aanraking was geweest, maar niet voor geweldsdelicten. Gelet op de ernst van het feit, de impact op het slachtoffer en de maatschappelijke onrust, werd een gevangenisstraf van drie jaar en zes maanden opgelegd, waarbij de tijd in voorarrest in mindering werd gebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar en zes maanden gevangenisstraf voor medeplegen van wederrechtelijke vrijheidsberoving en poging tot afpersing met geweld.